2.schimmelziekten
In dit overzicht staan zowel biologische middelen als chemische middelen. De werking van biologische middelen hoeven niet onder te doen voor de chemische. Verstandig is bij de biologische middelen de behandeling vaker te herhalen voor een goed resultaat.
AARDAPPELZIEKTE
De aardappelziekte wordt veroorzaakt door de schimmel ‘Phytophthora Infestans’. De ziekte kan herkend worden aan de bruine, ongelijkmatige, plekken op de bladeren en stengels van de aardappelplant. De aardappelziekte / schimmel komt ook voor op tomatengewassen. Met name bij warm en vochtig weer rukt deze ziekte snel op. Bruine vlekken met daarop een dunne laag wit schimmelpluis, aan de onderzijde van het blad, zijn kenmerkend. Op de knol van de aardappelen ontstaan bruine, diep ingezonken plekken.
Luxan Revus Garden is een middel tegen de aardappelziekte phythophtora. Dit product garandeert een driedubbele werking: het voorkomt directe en indirecte kieming van sporen, stopt een beginnende infectie en beperkt de uitstoot van sporen. Bovendien is het risico voor bijen, vogels en zoogdieren gering. 30 ml/500 m2 Snel regen vast. Blijft ook na veel regen werkzaam.
Revus Garden bevat de werkzame stof mandipropamid en moet preventief worden toegepast. Revus Garden remt de kieming van de schimmelsporen en stopt de groei van de schimmel in het blad. De werkzame stof wordt snel opgenomen in de waslaag en vandaar verder verdeeld in het bladweefsel.
Werkzame stof: Mandipropamid
Gehalte: 250 g/l flacon 30 ml - 500 m2
ALTENARIA
Alternaria ziekte is veroorzaker van donkerbruine tot zwartgekleurde bladvlekken. De eerste symptomen zijn gewoonlijk op de onderste en oudste bladeren te zien en treden vaak al enkele weken na opkomst van de aardappelplanten op. In het begin zijn het kleine stipjes die enkele millimeters groot zijn en verspreid over het blad voorkomen.
Vanuit deze primaire infecties worden hogergelegen bladlagen geïnfecteerd door sporen die via wind of water worden verspreid. Naarmate de epidemie zich verder ontwikkelt, komen meer grote bladvlekken voor die door bladnerven worden begrensd. Deze bruin tot bruinzwarte vlekken variëren in grootte van enkele millimeters tot 2 centimeter.
In de grote vlekken zijn met het blote oog duidelijk de voor Alternaria typerende concentrische ringen te zien. De bladvlekken worden vaak omringd door een gele, chlorotische ring die veroorzaakt is door toxinen. Bij een ernstige aantasting kan het blad afvallen. Aan de hand van de symptomen is niet te zeggen of er sprake is van A. solani of A. alternata. De ziektebeelden kunnen worden verward met gebrekziekten of fysiologische afwijkingen. Op de knollen ontstaan door A. solani, vooral in de omgeving van de navel, aanvankelijk kleine, nauwelijks zichtbare, bruine streepjes of vlekjes. Zij breiden zich slechts langzaam uit, zijn donker bronsachtig van kleur, hebben een ronde of onregelmatige vorm en zinken op den duur iets in. De plekken kunnen enkele centimeters groot worden. Symptomen veroorzaakt door A. alternata blijven beperkt tot ronde putjes (pits). Knolaantasting door A. alternata wordt in Nederland niet gevonden. Bij aantasting door A. solani kan de schil op de grens van het gezonde weefsel min of meer rimpelen en samentrekken. Het zieke weefsel wordt droog en hard. Aan de oppervlakte is de massa verdroogd en lichtbruin. Dit gedeelte is vaak van het gezonde weefsel gescheiden door een donkerbruine, enigszins vochtige zone. De ziekte is bij het rooien niet of in zeer geringe mate waar te nemen.
AMERIKAANSE KRUISBESSENMEELDAUW
Amerikaanse kruisbessenmeeldauw is een van de vele soorten meeldauw die op planten kan voorkomen. Op de bovenkant van de bladeren, op de stengels en later ook de vruchten ontstaat een grijswitte, poederachtige schimmelgroei. De vruchten worden bruin en bladeren zijn vaak misvormd. Het fruit is overigens nog wel eetbaar. TIP: verwijder aangetaste twijgen en zorg ervoor dat er voldoende lucht in de plant kan komen.
Microsulfo is bestemd voor de biologische bestrijding van schimmels op sier- en fruitgewassen (o.a. meeldauw op rozen, druiven, kersen, perziken en aardbeien).
Productkenmerken
geen veiligheidstermijn, kan tot direct voor de oogst worden toegepast
biologisch, op basis van zwavel
geen milieubelasting
Appels en peren, tegen schurft (Venturia inaequalis) en meeldauw (Podosphaera leucotricha).
Het is in het algemeen gewenst, in het bijzonder bij meeldauwbestrijding, één bestrijding voor de bloei uit te voeren (tot half juni). Niet gebruiken op zwavelgevoelige rassen als b.v. Cox\'s, James Grieve en Goudreinette en niet gebruiken op zoete appels.
Druiven, tegen meeldauw.
Een behandeling uitvoeren zodra meeldauwaantasting optreedt; de behandeling zonodig herhalen.
Om het gistingsproces niet ongunstig te beinvloeden dient bij druiven die bestemd zijn voor de wijnbereiding de laatste bespuiting uiterlijk 6 weken voor de oogst plaats te vinden.
Druiven in de vollegrond, tegen meeldauw (Uncinula necator).
De eerste bespuiting uitvoeren zodra meeldauwaantasting optreedt. Zonodig de behandeling herhalen. Om het gistingsproces niet ongunstig te beinvloeden dient bij druiven, die zijn bestemd voor wijnbereiding, de laatste bespuiting uiterlijk 6 weken voor de oogst plaats te vinden.
Kersen, perziken en pruimen, tegen hagelschotziekte (Stigmina carpophila)
Bij kersen direct na de bloei een behandeling uitvoeren; de behandeling 2 3 weken later herhalen. Bij perziken en pruimen een behandeling vóór de bloei uitvoeren; direct na de bloei de behandeling herhalen.
Aardbeien, tegen meeldauw (Sphaerotheca aphani)
Vóór de bloei en na de oogst een behandeling uitvoeren zodra aantasting wordt waargenomen. De behandeling zonodig herhalen. Niet toepassen tijdens de plukperiode in verband met bezoedeling van de vruchten.
Siergewassen in de tuin, tegen meeldauw (Erysiphaceae en Oidium-soorten)
Een behandeling uitvoeren zodra meeldauw wordt waargenomen.
De behandeling zonodig om de 10 14 dagen herhalen.
Bramen, tegen rode vruchtziekte, veroorzaakt door de bramegalmijt (Acolitus essigi)
In het voorjaar een behandeling uitvoeren als de vruchtdragende scheuten een lengte van 5 15 cm hebben; zonodig de behandeling herhalen vlak voor de bloei.
Bessen, tegen meeldauw. Voor en na de oogst spuiten. Tijdens de plukperiode niet spuiten in verband met bezoedeling van de vruchten. Indien druiven tijdig tegen meeldauw worden behandeld, worden tevens galmijten op druivenbladeren voorkomen.
Werkzame stof: zwavel
Gehalte: 80 % flacon 200 gram
Luxan Spuitzwavel is een uitstekend middel van natuurlijke oorsprong. Zowel in de professionele als in de particuliere sector wordt dit middel toegepast om op natuurlijke wijze gewassen tegen meeldauw te beschermen. Luxan Spuitzwavel is inzetbaar tegen meeldauw in rozen, druiven, aardbeien, vaste planten, appels en andere gewassen. Luxan Spuitzwavel is ook goed te gebruiken tegen hagelschotziekte en bramengalmijt.
Werkzame stof: zwavel
Gehalte: 80%
Inhoud: 200 g
WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT
Toegestaan is uitsluitend het gebruik als:
I. Schimmelbestrijdingsmiddel in de teelt van:
appels en peren
kersen, pruimen en perziken
druiven in de vollegrond
aardbeien
bessen
schorseneren
sierplanten in de tuin
II. Mijtenbestrijdingsmiddel in de teelt van:
peren
bramen
Voldoende voor min.: 100L spuitvloeistof (500 gr.)
Dit product is van toepassing voor:
Bramengalmijt
Hagelschotziekte
Meeldauw flacon 200 gram
BLADVALZIEKTE
Bladvalziekte komt het meest voor bij Ribes (bessenbladvalziekte) of Chaenomeles (kweepeerbladvalziekte). Op het blad ontstaan kleine donkerrode, later zwarte plekken. Eerst zijn ze klein, maar ze worden groter en groeien naar elkaar toe. Het blad wordt vervolgens geel en bruin en zal voortijdig afsterven. Bij ernstige aantasting zijn ook de vruchten aangetast. TIP: snoei aangetaste delen zoveel mogelijk weg.
Microsulfo is bestemd voor de biologische bestrijding van schimmels op sier- en fruitgewassen (o.a. meeldauw op rozen, druiven, kersen, perziken en aardbeien).
Productkenmerken
geen veiligheidstermijn, kan tot direct voor de oogst worden toegepast
biologisch, op basis van zwavel
geen milieubelasting
Appels en peren, tegen schurft (Venturia inaequalis) en meeldauw (Podosphaera leucotricha).
Het is in het algemeen gewenst, in het bijzonder bij meeldauwbestrijding, één bestrijding voor de bloei uit te voeren (tot half juni). Niet gebruiken op zwavelgevoelige rassen als b.v. Cox\'s, James Grieve en Goudreinette en niet gebruiken op zoete appels.
Druiven, tegen meeldauw.
Een behandeling uitvoeren zodra meeldauwaantasting optreedt; de behandeling zonodig herhalen.
Om het gistingsproces niet ongunstig te beinvloeden dient bij druiven die bestemd zijn voor de wijnbereiding de laatste bespuiting uiterlijk 6 weken voor de oogst plaats te vinden.
Druiven in de vollegrond, tegen meeldauw (Uncinula necator).
De eerste bespuiting uitvoeren zodra meeldauwaantasting optreedt. Zonodig de behandeling herhalen. Om het gistingsproces niet ongunstig te beinvloeden dient bij druiven, die zijn bestemd voor wijnbereiding, de laatste bespuiting uiterlijk 6 weken voor de oogst plaats te vinden.
Kersen, perziken en pruimen, tegen hagelschotziekte (Stigmina carpophila)
Bij kersen direct na de bloei een behandeling uitvoeren; de behandeling 2 3 weken later herhalen. Bij perziken en pruimen een behandeling vóór de bloei uitvoeren; direct na de bloei de behandeling herhalen.
Aardbeien, tegen meeldauw (Sphaerotheca aphani)
Vóór de bloei en na de oogst een behandeling uitvoeren zodra aantasting wordt waargenomen. De behandeling zonodig herhalen. Niet toepassen tijdens de plukperiode in verband met bezoedeling van de vruchten.
Siergewassen in de tuin, tegen meeldauw (Erysiphaceae en Oidium-soorten)
Een behandeling uitvoeren zodra meeldauw wordt waargenomen.
De behandeling zonodig om de 10 14 dagen herhalen.
Bramen, tegen rode vruchtziekte, veroorzaakt door de bramegalmijt (Acolitus essigi)
In het voorjaar een behandeling uitvoeren als de vruchtdragende scheuten een lengte van 5 15 cm hebben; zonodig de behandeling herhalen vlak voor de bloei.
Bessen, tegen meeldauw. Voor en na de oogst spuiten. Tijdens de plukperiode niet spuiten in verband met bezoedeling van de vruchten. Indien druiven tijdig tegen meeldauw worden behandeld, worden tevens galmijten op druivenbladeren voorkomen.
Werkzame stof: zwavel
Gehalte: 80 % flacon 200 gram
Luxan Spuitzwavel is een uitstekend middel van natuurlijke oorsprong. Zowel in de professionele als in de particuliere sector wordt dit middel toegepast om op natuurlijke wijze gewassen tegen meeldauw te beschermen. Luxan Spuitzwavel is inzetbaar tegen meeldauw in rozen, druiven, aardbeien, vaste planten, appels en andere gewassen. Luxan Spuitzwavel is ook goed te gebruiken tegen hagelschotziekte en bramengalmijt.
Werkzame stof: zwavel
Gehalte: 80%
Inhoud: 200 g
WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT
Toegestaan is uitsluitend het gebruik als:
I. Schimmelbestrijdingsmiddel in de teelt van:
appels en peren
kersen, pruimen en perziken
druiven in de vollegrond
aardbeien
bessen
schorseneren
sierplanten in de tuin
II. Mijtenbestrijdingsmiddel in de teelt van:
peren
bramen
Voldoende voor min.: 100L spuitvloeistof (500 gr.)
Dit product is van toepassing voor:
Bramengalmijt
Hagelschotziekte
Meeldauw flacon 200 gram
BLADVLEKKENZIEKTE
Deze ziekte treedt op bij vochtig-warm weer. Typische kenmerken zijn onregelmatige, door bladaders begrensde bruine vlekken met een gele rand. De bladeren sterven af. Aan de onderzijde van de vlekken olijfgroene tot bruine schimmelpluis.
Oorzaak kan zuigschade zijn door bladluizen. Bacterien kunnen door deze zuigschade toetreden tot het blad.
BOTRYTIS (VRUCHTROT)
Groene en rijpende vruchten worden met een grijsbruine schimmelpluis bedekt. De vruchten verrotten. De schimmel valt in tijdens de bloei. Vruchten die uit de geïnfecteerde bloemen groeien kunnen uiterlijk nog gezond lijken, maar zijn toch met de schimmel geïnfecteerd. Vochtig warm weer, te dichte beplanting en een te sterke stikstofbemesting bevorderen de infectie. TIP: snoei geinfecteerde delen direct weg.
Microsulfo is bestemd voor de biologische bestrijding van schimmels op sier- en fruitgewassen (o.a. meeldauw op rozen, druiven, kersen, perziken en aardbeien).
Productkenmerken
geen veiligheidstermijn, kan tot direct voor de oogst worden toegepast
biologisch, op basis van zwavel
geen milieubelasting
Appels en peren, tegen schurft (Venturia inaequalis) en meeldauw (Podosphaera leucotricha).
Het is in het algemeen gewenst, in het bijzonder bij meeldauwbestrijding, één bestrijding voor de bloei uit te voeren (tot half juni). Niet gebruiken op zwavelgevoelige rassen als b.v. Cox\'s, James Grieve en Goudreinette en niet gebruiken op zoete appels.
Druiven, tegen meeldauw.
Een behandeling uitvoeren zodra meeldauwaantasting optreedt; de behandeling zonodig herhalen.
Om het gistingsproces niet ongunstig te beinvloeden dient bij druiven die bestemd zijn voor de wijnbereiding de laatste bespuiting uiterlijk 6 weken voor de oogst plaats te vinden.
Druiven in de vollegrond, tegen meeldauw (Uncinula necator).
De eerste bespuiting uitvoeren zodra meeldauwaantasting optreedt. Zonodig de behandeling herhalen. Om het gistingsproces niet ongunstig te beinvloeden dient bij druiven, die zijn bestemd voor wijnbereiding, de laatste bespuiting uiterlijk 6 weken voor de oogst plaats te vinden.
Kersen, perziken en pruimen, tegen hagelschotziekte (Stigmina carpophila)
Bij kersen direct na de bloei een behandeling uitvoeren; de behandeling 2 3 weken later herhalen. Bij perziken en pruimen een behandeling vóór de bloei uitvoeren; direct na de bloei de behandeling herhalen.
Aardbeien, tegen meeldauw (Sphaerotheca aphani)
Vóór de bloei en na de oogst een behandeling uitvoeren zodra aantasting wordt waargenomen. De behandeling zonodig herhalen. Niet toepassen tijdens de plukperiode in verband met bezoedeling van de vruchten.
Siergewassen in de tuin, tegen meeldauw (Erysiphaceae en Oidium-soorten)
Een behandeling uitvoeren zodra meeldauw wordt waargenomen.
De behandeling zonodig om de 10 14 dagen herhalen.
Bramen, tegen rode vruchtziekte, veroorzaakt door de bramegalmijt (Acolitus essigi)
In het voorjaar een behandeling uitvoeren als de vruchtdragende scheuten een lengte van 5 15 cm hebben; zonodig de behandeling herhalen vlak voor de bloei.
Bessen, tegen meeldauw. Voor en na de oogst spuiten. Tijdens de plukperiode niet spuiten in verband met bezoedeling van de vruchten. Indien druiven tijdig tegen meeldauw worden behandeld, worden tevens galmijten op druivenbladeren voorkomen.
Werkzame stof: zwavel
Gehalte: 80 % flacon 200 gram
Luxan Spuitzwavel is een uitstekend middel van natuurlijke oorsprong. Zowel in de professionele als in de particuliere sector wordt dit middel toegepast om op natuurlijke wijze gewassen tegen meeldauw te beschermen. Luxan Spuitzwavel is inzetbaar tegen meeldauw in rozen, druiven, aardbeien, vaste planten, appels en andere gewassen. Luxan Spuitzwavel is ook goed te gebruiken tegen hagelschotziekte en bramengalmijt.
Werkzame stof: zwavel
Gehalte: 80%
Inhoud: 200 g
WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT
Toegestaan is uitsluitend het gebruik als:
I. Schimmelbestrijdingsmiddel in de teelt van:
appels en peren
kersen, pruimen en perziken
druiven in de vollegrond
aardbeien
bessen
schorseneren
sierplanten in de tuin
II. Mijtenbestrijdingsmiddel in de teelt van:
peren
bramen
Voldoende voor min.: 100L spuitvloeistof (500 gr.)
Dit product is van toepassing voor:
Bramengalmijt
Hagelschotziekte
Meeldauw flacon 200 gram
Luxan Fungalux Spray is een gebruiksklaar middel om meeldauw in zowel de siertuin, fruittuin als de moestuin te voorkomen en bestrijden. Daarnaast is Fungalux Spray ook werkzaam tegen schurft in appels. Het middel heeft zowel een curatieve als een preventieve werking. Voor veel gewassen die geconsumeerd kunnen worden is geen veiligheidstermijn van toepassing, of is deze maximaal 1 dag. Fungalux Spray is een biologisch middel en is toegelaten in biologische teelten.
Extra informatie
Inhoud: 750 ml
Werkzame stof: Kalium waterstofcarbonaat 4.25 g/l
Verbruik: goed voor 12 vierkante meter
BUXUS SCHIMMEL
Buxustaksterfte of buxusschimmel is een ernstige schimmelziekte bij buxus, die de buxus volledig dood kan maken wanneer er niet tijdig ingegrepen wordt.
De infectie start meestal bij snoeiwonden, waarna de ziekte naar binnen kruipt.
In het begin van de infectie zal de ziekte zich nog beperken tot enkele plekken.
Er komen twee verschillende schimmels voor namelijk Cylindrocladium buxicola en Volutella buxi. Beide schimmels veroorzaken blad– en taksterfte. De aantasting begint meestal met Cylindrocladium en kan gevolgd worden door een secundaire aantasting van Volutella.
Symptonen: de bladeren worden bruin en vallen af. In een verder stadium zullen ook hele takken doodgaan. Bij nat weer zijn roze of grijze sporenhoopjes te zien aan de achterkant van de buxusbladeren