6.onkruid- en mosbestrijding
Vanaf 1 november 2016 hebben wij geen onkruidbestrijdingsmiddelen meer te koop waarin de werkzame stof Glyfosaat is verwerkt.
AKKERVIOOLTJE
Het Akkerviooltje (Viola arvensis) is een plant uit de viooltjesfamilie (Violaceae). Het is een in Europa op bouwland veel voorkomende plant en wordt daar als een onkruid gezien. Vooral tussen granen komt de plant vaak voor. De soort komt ook voor in wegbermen en op stortplaatsen.
Het is een eenjarige plant, die tot 20 cm hoog wordt en tot 45 cm diep wortelt. De bloeitijd is van april tot oktober. De bloemen zijn klein en meestal niet groter dan 1 cm.
Na het rijpen springen de éénhokkige doosvruchten met drie kleppen open. Bij het openspringen worden de zaden weggeslingerd. De zaden hebben een oliehoudend aanhangsel (mierenbroodje) die de mieren graag lusten, hierdoor vindt ook verspreiding plaats. Gemiddeld bevat een gram 1880 zaden.
Het akkerviooltje onderscheidt zich van het bosviooltje (Viola riviniana) door de meestal tweekleurige bloemen en de opwaarts gerichte bloemblaadjes aan de zijkant.
GEEN GOED WERKEND MIDDEL BESCHIKBAAR
AKKERWINDE
De akkerwinde (Convolvulus arvensis) is een plant uit de windefamilie (Convolvulaceae). Hij komt voor op grazige plekken, bouwland, langs wegen en in de duinen. De stengels winden zich tegen de wijzers van de klok in om dingen heen. De bloem is roze of wit en heeft aan de buitenkant donkerdere strepen. De bloemen hebben een doorsnede van 1,5 tot 3 cm. Er zijn vijf kelkbladen met ronde tanden. De bloemen hebben een aangename geur. Eén tot drie bloemen bloeien aan een lange steel met halverwege twee schutblaadjes. De bloeitijd is van juni tot de herfst.
De akkerwinde heeft een onbehaarde doosvrucht. De bladeren zijn eirond tot langwerpig en hebben uitstaande slippen aan de voet.
BERENKLAUW
De gewone berenklauw (Heracleum sphondylium) behoort tot de schermbloemenfamilie (Umbelliferae of Apiaceae). De plant komt van nature voor in Europa
Het is een 90-150 cm hoge (er zijn exemplaren langer dan 2 meter gevonden maar deze komen bijna nooit voor), vaste plant, die veel langs dijken en wegen voorkomt. De plant is ruw behaard en heeft drievoudig gevind tot vinspletige bladeren. De stengel is kantig en gegroefd. De berenklauw bloeit van juni tot oktober met witte bloemen in veelstralige schermen. Het onderstandige vruchtbeginsel is tweehokkig met twee stijlen. De stijlen hebben een kussentje aan de voet. De gevleugelde vrucht is een tweedelige splitvrucht met eenzadige deelvruchtjes. De gewone berenklauw komt vooral voor op stikstofrijke, vochtige grond zowel in de volle zon als in halfschaduw. De plant groeit op grasland, bosschages, in bossen en in onkruidvegetaties.
GEEN GOED WERKEND MIDDEL BESCHIKBAAR
BIGGEKRUID
Gewoon biggekruid heeft borstelig behaarde blaadjes en gele bloemen van 2,5 -4 cm breed. De bloemen lijken erg op de bloemen van de paardenbloem. Gewoon biggekruid bloeit van juni tot september en kan 60 cm hoog worden. Groeiplaatsen zijn bermen, grasland, dijken en langs heiden. Gewoon biggekruid houdt van droge tot vochtige voedselrijke grond.
BIJVOET
Bijvoet is een plant met bladeren die aan de onderzijde witviltig behaard zijn. Aan de bovenzijde zijn de bladeren bijna kaal en donkergroen. De bloem heeft een vorm van een pluim en is bruinachtig geel. Bijvoet bloeit van juli tot september. Het stuifmeel kan voor mensen die daar allergisch voor zijn hooikoortsachtige klachten veroorzaken.
BILZEKRUID
Het Bilzekruid (Hyoscyamus niger) is een één- of tweejarige, 0,3-0,6 m hoge plant uit de nachtschadefamilie (Solanaceae).
De stengel is kleverig. De bladeren zijn langwerpig en grof golvend getand. De onderste bladeren zijn stengelomvattend en de bovenste smal en gesteeld. De wortel is spoelvormig.
De trechtervormige bloem is vuilgeel van kleur en violet geaderd. De bloemen staan in de bladoksels. De vrucht is een circa 1,5 cm lange, klokvormige doosvrucht, die bij rijpheid worden openspringt. Deze wordt door de kelkbladen omvat. Het zaad is grijsbruin en tot 1 x 1,3 mm groot.
BINGELKRUID EENJARIG
Eenjarig bingelkruid (Mercurialis annua) of tuinbingelkruid is een plant uit de wolfsmelkfamilie (Euphorbiaceae). De soort lijkt erg op bosbingelkruid (Mercurialis perennis).
Zowel de zaden als de wortels van het eenjarig bingelkruid zijn giftig. Ze bevatten mercurialine (met saponine werking) en blauwzuurglycosiden. Deze gifstoffen hebben een lokaal bijtende werking op het maagdarmstelsel en vernietigen rode bloedcellen. Vooral het rund en het schaap zijn er gevoelig voor.